Pit-reporter en tandarts Jack Plooij: ‘Dit is mijn ideale scenario: twee werelden die elkaar fantastisch aanvullen, een geestelijke verrijking.’

Formule 1-verslaggever bij Ziggo Sport
Jack Plooij (57)

Formule 1-verslaggever bij Ziggo Sport

“Sinds mijn debuut in 1991 breng ik veel weekenden in het zonnetje door met een microfoon in mijn hand tussen de razendsnelle Formule 1-racewagens. Ik geef live-updates uit de pitstraat en interview coureurs en coaches. Een feestje, maar met anderhalf miljoen kijkers ook serious business. Probeer maar eens de kalmte te bewaren, terwijl er links van je drie motoren worden gestart! Al je zintuigen staan open. De kunst is om goed te blijven kijken en luisteren, geen aannames te doen. Ook in de autosport moet je stressbestendig zijn en goed met mensen kunnen omgaan. Vervelende vragen durven stellen. Eigenlijk heb ik nog een derde baan: met De Formule 1 Show sta ik 23 keer per jaar als acteur in het theater. Dat ik niet hoef te kiezen, zie ik als een luxe. Dit is mijn ideale scenario: twee werelden die elkaar fantastisch aanvullen, een geestelijke verrijking. Ik kan het iedereen aanraden.”

Parttime tandarts en implantoloog bij DentConnect

Parttime tandarts en implantoloog bij DentConnect

“Twee dagen per week sta ik in een kleine ruimte in opperste concentratie te snijden in de monden van mijn patiënten. Chirurgisch precisiewerk op de vierkante millimeter. Mensenkennis is cruciaal in de medische wereld. Je bouwt een vertrouwensband op met patiënten. Dat mensen vaak dolgelukkig zijn na een behandeling geeft mij ongelooflijk veel voldoening. Tijdens mijn promotieonderzoek aan de universiteit van Nijmegen werd ik door een collega benaderd met de vraag of ik een weekendje mee wilde naar het circuit in Zandvoort. Een beetje ontspanning, daar voelde ik wel wat voor. Al snel ging ik wekelijks mee en voor ik het wist was ik stiekem manager van het raceteam van Frans Verschuur. Op een dag vroeg racepresentator Olav Mol of ik als ‘pitspion’ mee wilde naar de Grand Prix van Canada. Een buitenkansje. Veel tijd om te beslissen was er niet: de race startte de week daarop al. Ik belde het thuisfront. Iedereen zei: doen!”