Ik ben columnist van Libelle en een tijdje terug vroeg een lezeres of ik met haar wilde lunchen. Nou, liever niet, lunchen met iemand die je niet kent, ik vind het een beetje een nachtmerrie. Maar aangezien ik geen nee kan zeggen, zei ik: “Ja, leuk!”

Een week later was het zover. Ze was 78 jaar. Tijdens haar werkzame leven was ze docent geschiedenis geweest. Nu was ze al 13 jaar met pensioen. In die tijd had ze Russisch geleerd om vervolgens alle boeken van Tolstoj, Poesjkin en Toergenjev in het Russisch te lezen. Ik heb ooit ook Russisch geleerd; ik hield het precies vier maanden vol, want echt hoor, wat een godsgruwelijk moeilijke taal is dat.

“Wat goed”, zei ik, stiekem stikjaloers.

Ze vertelde dat ze tussendoor was gaan joggen en intussen twee keer een halve marathon had gelopen. En, oh ja, ze had ook een cursus auto-techniek gevolgd. “Autotechniek?” Ik keek haar stomverbaasd aan.

“Nuttig hoor”, zei ze. “Ik heb een oude Peugeot. Daar mankeert nogal eens wat aan.”

“Heel nuttig”, zei ik. Ik heb 68 autorijlessen achter de rug. Toen gaf ik het maar op. Ik zou niet eens weten hoe je een motorkap openmaakt.

Ze had – het werd nu zeer vermoeiend – ook een cursus gevolgd om de financiële markten beter te kunnen begrijpen. Ik heb ook eens zo’n cursus gevolgd, in een Engels kasteel nog wel, maar zelfs na een énorm geduldige uitleg – alsof ik een kleutertje was – wilde ik maar niet begrijpen hoe een put-optie werkt.

“Ik doe nu ook in aandelen, voorzichtig hoor. En jij?” “Ik doe vooral in put-opties”, zei ik.

“Dat zou ik nooit durven”, klonk het bewonderend. Waarna ze zei: “Ik denk erover om Mandarijn te gaan studeren. Maar daar zie ik wel een beetje tegenop.”

Ik heb een Chinese buurvrouw. Die spreekt, leest en schrijft Mandarijn. Ze vertelde ooit: “Lijkt moeilijker dan het is, Hans.”

“Lijkt moeilijker dan het is”, zei ik.

Na afloop maakte ik met mezelf de afspraak dat ik voortaan alleen lunch met Libelle-vrouwen die in hun leven geen seconde aan wat voor soort studie dan ook hebben besteed.